Nieuwsberichten

IMG_6590 Nieuws uit Brussel 16.08.2017

Extra C-LAN naar aanleiding fipronil in eieren

Er is de voorbije weken heel wat te doen geweest omtrent de aangetroffen “matig toxische” stof fipronil in eieren van legkippen. De bron van besmetting zou een Belgische leverancier van een bestrijdingsmiddel tegen bloedluizen zijn. In één van hun producten werd fipronil aangetroffen, wat de besmette eieren veroorzaakte. Het gebruik van fipronil is nochtans verboden in de professionele leghennenhouderij. Vandaag kwam de commissie landbouw in het Vlaams Parlement samen om met de minister te kijken wat de concrete gevolgen zijn voor de Vlaamse pluimveesector, dat duidelijk het grootste slachtoffer is in dit dossier.

De media-aandacht in de commissie landbouw van het Vlaams Parlement was ongezien groot en ook op de publieksbanken zaten heel wat geïnteresseerden wat doorgaans niet het geval is. De voorbije dagen was er al heel wat animo in de media en dat was vooral te danken aan de gebrekkige communicatie van het Federaal Agentschap voor Voedselveiligheid (FAVV). Hier en daar werd al – ten onrechte! – gesuggereerd dat, net zoals tijdens de dioxinecrisis (1999), de volksgezondheid op grote schaal in gevaar gebracht werd.

Geen gevaar voor volksgezondheid

Gelukkig blijkt uit onderzoeken dat blootstelling aan het bestanddeel fipronil in de aangetroffen besmette eieren eerder miniem is. De doorsnee man zou al tot 1 kilogram van de besmette eieren moeten eten alvorens in de buurt te komen van de drempel voor eerste klachten (hoofdpijn, misselijkheid). Die klachten zouden in die dosis ook weer vrij snel verdwijnen.

Toch leeft de perceptie alsof de Vlaamse eieren ongezond zijn en meteen een gevaar vormen voor hij of zij die ze consumeert. Laat duidelijk zijn dat dit niet het geval is. De Vlaamse pluimveesector kent een bijzonder hoge voedselveiligheidsniveau en ondergaat zeer strenge testen. Ondank dat alles wordt de sector onterecht geviseerd.

Vele €100.000’s kosten

In dit dossier is elk getroffen legkippenbedrijf een rechtstreeks slachtoffer van frauduleuze praktijken in een toeleveringsbedrijf en de gevolgen voor de getroffen legkippenbedrijven zijn gigantisch. Boerenbond raamde alvast de geleden schade op €10 miljoen. Uit contacten die ik met getroffen sectorleden had, blijkt dat bedrag toch een onderschatting te zijn.

Bij één van de bedrijven uit midden West-Vlaanderen waar ik contact mee had, gaat het om nu al om een economisch verlies van €320.000. Die kostprijs loopt zo hoog op doordat alle kippen op het bedrijf vergast moeten worden, doordat 2 miljoen eieren vernietigd worden en doordat er tal van extra testen aangevraagd moeten worden om terug operationeel te kunnen zijn. Ook alle mest – die normaal verkocht en uitgereden wordt – moet vernietigd worden.

De bedrijfsleider die ik sprak had echter nog slechter nieuws: “Bij ons zijn die kosten al gigantisch, maar in besmette bedrijven waar ze recent jonge legkippen kochten aan ongeveer €4 per legkip is de economische schade nog zoveel groter. Geen enkel van die legkippen – en dat kunnen er gemakkelijk 100.000 per bedrijf zijn – zal ook maar één ei geproduceerd hebben dat uiteindelijk verkocht werd. Ook zij moeten alle dieren laten vernietigen en opnieuw beginnen.”

De legkippenhouders die dus hun vertrouwen in de toeleveranciers legden om hun stallen te behandelen tegen bloedluizen (alledaagse praktijk), zijn dus duidelijk zwaar de dupe van de frauduleuze praktijken.

Gerechtelijk onderzoek

Het is uiteraard niet aan de Vlaamse Overheid om geleden schade te gaan vergoeden. Het uitbetalen van de schadevergoedingen moet gebeuren door de firma’s die frauduleuze praktijken pleegden en door hun verzekeraars. Omdat eerst nog het volledige gerechtelijke onderzoek gevoerd moet worden en dat op zich bijzonder lang kan duren, riep ik vandaag de minister op om snel werk te maken van tussenoplossingen voor de getroffen pluimveehouders.

In het geval dat blijkt dat de daders niet bij machte zijn om de schadevergoedingen te betalen zal de overheid wel tussenkomen.

Commissie landbouw

De commissie landbouw in het Vlaams Parlement hield alvast een gedachtewisseling om te kijken hoe die getroffen bedrijven kunnen geholpen worden.

Zelf legde ik in mijn tussenkomst de nadruk op drie aspecten. In eerste instantie herinnerde ik de oppositie er aan dat het onnodig is om het debat te polariseren, te verwijzen naar de dioxinecrisis uit 1999 en bepaalde zaken op flessen te trekken. Anderzijds riep ik ook de aanwezige media op om de berichtgeving nog meer in perspectief plaatsen en – gezien de komkommertijd in het nieuws – niet onnodig op te kloppen. Tot slot riep ik de minister dus ook op om oplossingen aan te reiken voor de getroffen sector, weliswaar binnen haar bevoegdheden en zonder daarbij de daders te ontzien.

Tussenoplossingen

Momenteel wordt gewerkt aan vijf concrete oplossingen die de opgelopen kosten en schulden van de getroffen bedrijven kunnen helpen verlichten:

– Op federaal niveau zullen overbruggingskredieten(in afwachting van een vonnis in het gerechtelijk onderzoek) aangereikt worden met budget uit het sanitair fonds.

– Om aanspraak te kunnen maken op die kredieten, moet een landbouwer ook de nodige waarborgen op tafel kunnen leggen. Omdat heel wat van de getroffen landbouwers niet over dergelijke budgetten beschikken, zal het VLIF op Vlaams niveau – mits goedkeuring door de Europese Unie – een waarborgstelling uitwerken.

– Minister Schauvliege zal het gesprek aangaan met Rendac over de factuur van de te vernietigen karkassen en eieren.

– Zij zal eveneens het gesprek aangaan met Indaver dat alle besmette mest zal ophalen en verbranden. Ook die factuur kan namelijk heel hoog oplopen.

– Tot slot zal minister Schauvliege samen met minister Muyters kijken om getroffen bedrijven die niet op een waarborgstelling van het VLIF kunnen rekenen een alternatieve oplossing uit te werken binnen de portefeuille van economie. Hierin onderstreepte ik dat het belangrijk is om de Landsbond (vereniging voor pluimveehouders) maximaal te betrekken. Tot op heden werd de vzw amper of niet in het dossier betrokken werd.

Taks Force: snel resultaten graag!

Donderdag 17 augustus komt ook de Task Force samen die op federaal niveau werd opgericht. Daarin zetelen ook de gewestministers. Joke Schauvliege kondigde aan drie prioriteiten te zullen voorleggen:

– Duidelijke afspraken maken tussen de verschillende actoren en beleidsniveaus rond communicatie en informatiedoorstroming.

– Het Sanitair Fonds als eerste aanspreekpunt voor schadevergoedingen.

– Samen naar Europa stappen met de vraag om middelen vrij te maken voor schadevergoedingen vanuit het crisisfonds.

Zelf drong ik er bij de minister op aan om ook te pleiten en toe te kijken op snelle actie. De voorbeelden hierboven van de schade die bedrijven kunnen leiden, zijn een voldoende reden om snel tot resultaten te komen.

Extra commissie landbouw

De Vlaamse Regering is alleszins heel snel op dit dossier gesprongen. Ik stel dan ook graag vast dat de minister haar verantwoordelijkheid in dit dossier neemt en dat we op dezelfde golflengte zitten.

Op woensdag 30 augustus komt de minister terug naar het Vlaams Parlement om de commissie landbouw te briefen over de stand van zaken en over de verdere ontwikkelingen in het dossier.

Hieronder kunnen mijn twee tussenkomsten – alsook het volledige debat – in de commissie landbouw van deze ochtend herbekeken worden.

Meer info via deze link: http://deredactie.be/cm/vrtnieuws/binnenland/2.51237?eid=1.3048326